Het einde van de tien blauwe linkjes?
Je typte een vraag in Google en scrolde door tien blauwe linkjes. Dat kan nog steeds, maar steeds vaker krijg je eerst een antwoord. Van de AI-samenvatting bovenaan Google, van ChatGPT of van Perplexity.
Mensen zoeken minder naar pagina's en meer naar antwoorden. Voor jou als ondernemer verandert daardoor de vraag. Niet alleen: sta ik bovenaan? Maar ook: noemt de AI mij als hij antwoord geeft?
Van SEO naar AI-zichtbaarheid
Bij SEO (zoekmachineoptimalisatie) werk je eraan om hoog in Google te komen. Daarnaast hoor je nu termen als GEO (Generative Engine Optimization) of AI-EO. Het idee: je wilt de bron zijn waar een AI zijn antwoord op baseert.
De AI werkt als een filter. Kan hij niet goed uit je site halen wat je doet, of ziet hij geen reden om je te vertrouwen, dan kom je in het antwoord niet voor.
Waar AI op let
Hoe zorg je dat een AI-model jouw bedrijf noemt? Er is geen knop voor, maar een paar dingen helpen:
- Laten zien dat je het vak kent. Google beschrijft in zijn richtlijnen voor beoordelaars wat het E-E-A-T noemt: ervaring, deskundigheid, gezag en betrouwbaarheid. Wie die dingen laat zien met echte voorbeelden, eigen foto's en een duidelijke naam achter de tekst, maakt het een zoekmachine makkelijker.
- Gestructureerde gegevens. Met schema vertel je zoekmachines in vaste vorm wie je bent, waar je zit en wat je aanbiedt. Dan hoeven ze minder te raden.
- Een naam die mensen kennen. Als mensen jouw bedrijfsnaam zelf intypen, ben je minder afhankelijk van wat een AI toevallig kiest te noemen.
Zoeken zonder klik
Steeds vaker staat het antwoord direct op het scherm. De zoeker klikt dan niet meer door naar een website.
Is dat erg? Ja en nee. Je krijgt minder bezoekers. Maar als je naam in dat antwoord staat, heeft de zoeker hem wel gezien. Bij een volgende vraag of een volgende klus denkt hij misschien aan jou.
Welke teksten AI makkelijk overneemt
Een AI-antwoord is een samenvatting. Tekst die zelf al een helder, losstaand antwoord geeft, is makkelijk over te nemen. Daarom werken deze vormen vaak goed:
- Vergelijkingen. Een eerlijk stuk dat A, B en C naast elkaar zet (zoals n8n, Zapier en Make), omdat mensen AI vaak vragen om een keuze.
- Vragen met een kort antwoord. Een vraag-en-antwoordblok is een kant-en-klaar stukje dat een AI kan citeren.
- Een definitie bovenaan. Begin met "X is..." of "Y betekent...", in plaats van eerst drie alinea's op te warmen.
Wat je beter niet doet: een lange inleiding met een persoonlijk verhaal voordat je bij de kern komt. Zet het antwoord vooraan, de uitleg daarna.
Hoe zie je of AI je noemt?
Een gewone positiecheck in Google zegt weinig over of AI je noemt. Dit kun je wel doen:
- Zelf testen. Stel je belangrijkste vragen aan ChatGPT, Perplexity, Google en Copilot. Word je genoemd? Hoe word je beschreven? Schrijf het op en herhaal het elke maand.
- Je serverlogs bekijken. AI-crawlers zoals GPTBot, ClaudeBot, PerplexityBot en OAI-SearchBot maken zich bekend. Zie je ze langskomen, dan weet je dat je pagina's in elk geval gelezen worden.
- Speciale tools. Diensten als Profound en Otterly houden bij in welke AI-antwoorden je voorkomt. Voor een lokale ondernemer is zelf testen vaak genoeg.
Wat moet je nu doen?
Schrijf voor mensen die iets willen weten, niet voor een algoritme. Deel wat je zelf weet en hebt gezien, laat echt werk zien en durf een mening te hebben over je vak. Dat zijn ook de signalen waar zoekmachines naar kijken.
De techniek verandert, het principe niet: wie de beste en duidelijkste antwoorden geeft, wordt gevonden. En nu ook geciteerd.
Wil je weten hoe jouw website ervoor staat? Plan een vrijblijvend gesprek, dan kijk ik met je mee.
Of lees eerst hoe ik websites bouw die klaar zijn voor Google en AI-zoekmachines op website laten maken.
